Toekomstige groeipotentie buitenlandse studenten naar Nederland enorm

‘The Class of 2020’ publiceerde in 2014 ‘Amsterdam University Capital’ en concludeerde dat

Amsterdam in Europees perspectief ver achter liep als ‘study destination’ voor internationale studenten.

Vier jaar later kijken we, nu voor 13 Nederlandse kennissteden, naar de huidige stand van zaken en

hoe deze steden zich sneller kunnen ontwikkelen als magneten voor internationaal toptalent.

 

In de bijlage is per kennisstad inzichtelijk gemaakt wat het groeipotentieel is.

Bedenk dat buitenlandse studenten graag zelfstandig – inclusief een fraaie badkamer met keuken – wonen.

 

City Rooms to be built
Amsterdam                      20.000
Delft                        9.880
The Hague                       5.950
Eindhoven                        3.700
Enschede                        6.817
Groningen                      15.070
Leiden                        6.606
Maastricht                      19.950
Nijmegen                        6.664
Rotterdam                      10.967
Utrecht                        6.087
Wageningen                        7.087
Tilburg                        5.309
Total                   124.087
Source: The Class of 2020 / based upon NUFFIC, ABF & StudentMarketing.

 

 

The Netherlands as European TalentHub

Nieuwe schoonmaak- en onderhoudsinstructie S-pod gebruiksklare badkamers nu beschikbaar

U wilt graag lang plezier hebben van uw S-pod badkamer? Bijgevoegd tips en adviezen voor het optimaal schoonmaken en onderhouden van alle onderdelen in uw badkamer.

Komt u er toch niet uit? Wij horen het graag.

S-pod schoonmaak- en onderhoudsinstructie badkamers

Markt voor internationale studenten stijgt

 

Publicatiedatum: 14-11-2017 06:00

Hogescholen en universiteiten in Amsterdam, Maastricht, Rotterdam en Groningen trekken de meeste internationale studenten, tussen de 8.000 en 10.000 elk. Amsterdam is koploper als het gaat om het behouden van afgestudeerd internationaal talent.

Dat blijkt uit een analyse van onderzoek naar internationale studenten in Nederland door Nuffic.

International degree students in the Netherlands: a regional analysis

Amsterdam en Maastricht kennen met 10.000 studenten van over de grens de grootste aantallen internationale studenten. In relatieve zin ziet het plaatje er anders uit: in Maastricht vormen internationale studenten meer dan 50% van de totale studentenpopulatie. In Amsterdam is dat slechts 10%. In Den Haag, Delft en Wageningen ligt dat rond de 20%.

Blijfkans grootste in 4 steden

Na afstuderen blijft naar schatting 25% een leven lang in Nederland wonen en werken. In de 4 grote steden (Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht)blijven internationale studenten in de eerste 5 tot 7 jaar na afstuderen vaker in Nederland. De aanwezigheid van internationaal georiënteerde bedrijven is daarin een grote aantrekkingsfactor.

Kansen voor krimpregio’s

Het aantrekken en behouden van internationaal talent wordt steeds belangrijker voor de ontwikkeling van regio’s en gemeenten. Zeker in regio’s waar sprake is van een bevolkingskrimp, biedt internationaal talent kansen. Internationale studenten versterken de lokale kenniseconomie en ze zijn een belangrijke vestigingsfactor voor kennisintensieve bedrijven en organisaties, zo concludeerden de commissie Buijinken AWTI onlangs.

Het aantal internationale studenten dat een volledige studie doet in Nederland is de afgelopen 10 jaar verdubbeld, van 40.000 naar ruim 80.000 studenten in 2016-17. Daarmee is deze groep een van de grootste groepen kennismigranten in Nederland. In die jaren is de diversiteit ook toegenomen naar 164 verschillende nationaliteiten.

We publiceren deze cijfers in de Week van de Internationale Student. Van 13 tot 17 november organiseren hogescholen, universiteiten, gemeenten en Nuffic evenementen om het belang van internationaal talent voor Nederland te laten zien. Zo zijn er onder meer webinars, social media take overs, foodfestivals, career events en open dagen voor, met en door internationale studenten.

Bekijk ook de stayrates (blijfkans) van afgestudeerden per regio en de verspreiding van internationale studenten per regio.

 

Bron: Nuffic

Prognose aantallen studenten per 2023 / 2024

Interessant leesvoer voor iedereen die zich afvraagt hoe de studentenpopulatie zich per plaats gaat ontwikkelen.

Daarnaast ook inzicht in thuis- en uitwonend, op kamers of juist zelfstandig met eigen keuken en badkamer.

 

Deze “landelijke monitor studentenhuisvesting 2016” is in opdracht van KENCES opgesteld door ABF Research.

Inmiddels is de volgende editie in de maak en deze zal op 5 oktober 2017 worden gepubliceerd.

 

Klik om het artikel te lezen

 

Nieuwe kantoorconcepten: een ander gebruik én een uitbreiding binnen 8 weken vergund

11 april 2017

Er is in de praktijk vaak behoefte aan mogelijkheden om leegstaande gebouwen of een gedeelte van een gebouw te transformeren naar een andere functie. Of om verschillende functies juist bij elkaar te brengen. De wetgever heeft geprobeerd om een snelle procedure te introduceren waarmee dit soort transformaties snel kunnen worden vergund. Vaak is er echter behoefte om het te transformeren gebouw ook meteen (beperkt) uit te breiden. De vraag is of de wet dat ook met een snelle procedure mogelijk maakt.

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in twee uitspraken van 22 en 29 maart 2017 die duidelijkheid gegeven. Dat kan!

Wettelijke regeling voor transformatie en uitbreiding
In Nederland is het vastgoed traditioneel ingedeeld in de sectoren retail (winkels), horeca, kantoren, bedrijven en woonruimte. In bestemmingsplannen worden deze functies ook specifiek aan een locatie toebedeeld. Bijvoorbeeld door het leggen van de bestemming ‘kantoor’ op een locatie, waarmee andere vormen van gebruik – zoals bijvoorbeeld detailhandel of horeca – op die locatie niet zijn toegestaan.

Het is mogelijk om met een (korte) procedure van 8 weken een ander gebruik vergund te krijgen. In artikel 4 van bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht (‘de kruimelgevallenregeling’) is namelijk geregeld dat een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het in strijd met het bestemmingsplan transformeren (wijzigen van een functie) van een bestaand bouwwerk. Daarbij mogen wel bouwactiviteiten worden uitgevoerd, maar de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume van het bouwwerk mag niet worden vergroot.

Aanvankelijk was deze mogelijkheid vooral bedoeld voor transformatie van leegstaande kantoorgebouwen, aangezien de leegstand daar als gevolg van de crisis in snel tempo toenam. Kantoorgebouwen leenden zich volgens de wetgever bijvoorbeeld goed voor transformatie naar studentenwoningen. Zo wordt een voormalig kantoorlocatie van Rijkswaterstaat in Arnhem op het moment getransformeerd naar 296 studentenwoningen, precies volgens de bedoeling van de wetgever.

Maar de bepaling ziet op elke andere mogelijke functie. En dus ook een transformatie naar juist een kantoorfunctie. Bijvoorbeeld de transformatie van een niet meer in gebruik zijnde watertoren tot nieuwe kantoorruimte. Of het gebruik van (een gedeelte van) een kantorenlocatie of voormalig restaurant voor de vesting van detailhandel. Ook nieuw opkomende kantoorconcepten, waarbij in kantoortorens tegenwoordig ook de wens bestaat om ruimtes te benutten voor het vestigen van een kinderdagverblijf, kapper of horecabedrijf zijn met deze korte procedure te vergunnen.

Het praktische probleem zat er echter in dat met deze korte vergunningprocedure de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet mag worden uitgebreid. Bij een transformatie van bijvoorbeeld een voormalig restaurant naar een winkel is er vaak behoefte aan een uitbreiding van dat bestaande bouwwerk, bijvoorbeeld met een magazijn. Of wanneer er tot een kantoorfunctie wordt getransformeerd bestaat er direct behoefte om een fietsenstalling aan de bestaande bebouwing aan te bouwen.

Een dergelijke uitbreiding is wel mogelijk op grond van een ander onderdeel van de kruimelgevallenregeling. Dat onderdeel biedt namelijk de mogelijkheid om – kort gezegd – een hoofdgebouw uit te breiden.

De juridische vraag was of deze aparte onderdelen in één vergunning mogen worden gecombineerd of dat daarmee het wettelijk systeem wordt doorkruist. De ‘transformatiebepaling’ geeft namelijk als duidelijke voorwaarde dat uitbreiding met die bepaling niet mogelijk is. Het praktische verschil is duidelijk: is een vergunning op korte termijn te verkrijgen of is daar (zoals in het verleden) toch een lange en uitgebreide procedure voor nodig, waarbij ook nog eens een aantal aanvullende onderzoeken moet worden verricht.

De rechtspraak is duidelijk: een combinatie is mogelijk
In maart en augustus 2016 oordeelden de rechtbanken Zeeland-West-Brabant, respectievelijk Midden-Nederland dat uit de parlementaire geschiedenis volgt dat de wetgever bedoeld heeft dat deze combinatie mogelijk moet zijn. De Afdeling heeft dit in haar uitspraken van 22 en 29 maart 2017 bevestigd.

In de uitspraak van 22 maart 2017 ging het over een verleende omgevingsvergunning voor het gebruik van een bouwwerk voor gestapelde bewoning en gelijktijdige uitbreiding van de begane grond van het pand. Dat kan volgens de Afdeling binnen 8 weken worden vergund met de ‘kruimelgevallenregeling’.

In de uitspraak van 29 maart 2017 ging het over een verleende omgevingsvergunning voor het transformeren van een watertoren naar een zelfstandig kantoorgebouw in Mijdrecht met een gelijktijdige uitbreiding voor een noodtrappenhuis en lift. Ook dat kan volgens de Afdeling binnen 8 weken worden vergund.

Conclusie
De Afdeling bevestigt met deze uitspraken dat de ‘kruimelgevallenregeling’ veel mogelijk maakt. Het wijzigen van de functie van een (deel van een) bestaand bouwwerk, waarbij gelijktijdig de wens tot uitbreiding bestaat, kan binnen 8 weken worden vergund en is niet in strijd met het wettelijk systeem. Ook het realiseren van nieuwe kantoorconcepten, waarbij verschillende functies met elkaar in een pand worden gecombineerd, is met deze procedure mogelijk.

 

Bron: Vastgoedjournaal